Menu

X Omdat je bent ingelogd zie je op deze pagina de berichten uit al je groepen. Alleen jij ziet deze informatie.

Buurtverhaal:

Zeven straten en een park. Margaretha Ferguson’s herinneringen aan het Spijkerkwartier (2017)

Stef
Gepubliceerd op 22 februari 2017

Dit jaar is het 40 jaar geleden dat Zeven straten en een park verscheen. De schrijfster, Margaretha Ferguson (1920-1992), zat in haar jeugd op de openbare lagere school nummer 10, op de hoek van de Spijkerstraat en de Schoolstraat. In Zeven straten blikt zij terug op haar Arnhemse jeugd en haar tijd in het Spijkerkwartier.

De zeven straten uit het boek zijn Taklaan (waar zij woonde), Spiekmanlaan, Römerse pad, Raapopseweg, Klarendalseweg en Spijkerstraat. Het park is Sonsbeek. Het is een kleine wereld waarin de jeugd van Margaretha Dorothea Wigerink zich afspeelt. Ze groeit op in een socialistisch milieu. Haar moeder is het eerste vrouwelijke gemeenteraadslid voor de Sociaal Democratische Arbeiderspartij. Als zij 9 jaar oud is, vertrekt zij met haar ouders naar Nederlands-Indië waar vader een bloeiende kantoorhandel opzet. Na de oorlog gaat Margaretha terug naar Nederland om te studeren. In 1973 huwt ze met Thomas Ferguson, wiens naam ze gebruikt voor haar schrijversloopbaan. Haar verhalen zijn veelal autobiografisch en spelen zich vaak in voormalig Indië af.

In Zeven straten en een park  (1977) blikt zij terug op haar Arnhemse jeugd, waarin zij schoolging in het Spijkerkwartier. Zij schrijft hoe zij samen met een meisje uit de buurt vanaf haar ouderlijk huis aan de Taklaan langs de Velperweg (‘Aan de overkant ligt ’t Broek, meestal drassig’) dagelijks naar het Spijkerkwartier liep:

Meteen voorbij het viaduct oversteken, Hertogstraat, Schoolstraat. Riekie moet door naar de Parkstraat, daar staat haar meisjesschool. Ik ben op een Openbare Lagere School in de Spijkerstraat (…) Op de Arnhemse school in de Spijkerstraat zat ik tot het begin van de vierde klas. Toen gingen we naar Indië.

In het laatste hoofdstuk wandelt de inmiddels volwassen geworden ik-figuur, terug uit Indonesië nog eens door Arnhem, herinneringen ophalend. Ze verbaast zich over de nieuwe tijd:

Tegen de blonde hoer die in de voortuin van het vervallen aristocratische herenhuis zich glimlachend koesterde in de hete middagzon had ik willen zeggen: ‘Ziet u, ik ben hier vroeger op school geweest, verderop in de Spijkerstraat, daarom loop ik een beetje rond.’ Maar het bleef van mijn kant bij een vage blik. In haar ogen moest ik wel een onfatsoenlijke indringster zijn. En mijn jeugdherinneringen, alleen al poëzie door de kwaliteit juist van herinnering, pasten zich maar moeizaam aan bij deze harde wereld van het nu zo roemruchte Spijkerkwartier. (…) Ik vind mijn oude school. Nog even duister en schrikaanjagend als vroeger, met een grote stenen speelplaats, hoge grauwe muren, onbereikbare ramen. Het is nu geen school meer maar Krejatief Centrum de Mariënburg. 

Niet alleen rond de Karel van Gelder- en Dullertstraat zit prostitutie. Ook in Parkstraat en Spijkerstraat zijn ‘ramen’ en de daarbij horende sfeer.

De brede straten met hun vervallen herenhuizen en diepe voortuinen worden doorsneden door smallere en nog smallere en nog smallere straten en straatjes. Langzame auto’s kruipen de hoeken om, de mannen spieden, het hoofd ver over het stuur naar voren gebogen, naar huisnummers, of naar ramen. In een kroeg op de hoek speelt harde grammofoonmuziek. Een grauw mens met kanten strikken en hardgeel haar kijkt mij woedend aan.

Arnhem is niet meer wat het geweest is. De volwassen geworden schrijfster heeft geen emotionele binding meer met de stad van haar jeugd. Het is een afgesloten hoofdstuk. Margaretha Ferguson overleed op 8 mei 1992 tijdens een reis door Vietnam.

Reacties



Bekijk alle verhalen in je buurt »